1 struik bleekselderij
2 uien
1 teen knoflook
2 el boter
1 el bloem
5 dl bouillon
4 dl droge witte wijn
1 laurierblad
snufje tijm
2 el creme fraiche
zout en peper
4 sneetjes stokbrood
100 gram camembert
4 el gehakte walnoten
Maak de bleekselderij schoon en schil de dikke stengels. Snij de stengels in kleine stukjes. Bewaar het fijne groen wat binnen in de struik zit. Schil en snipper de ui en de knoflook. Bak de uien glazig in de boter en voeg de knoflook en bleekselderij toe. Bak dit een paar minuten mee en stuif de bloem erover. Bak dit even mee. Voeg de bouillon en wijn toe en leg laurier en tijm in de soep. Laat alles 15 minuten koken.
Haal de laurier eruit en pureer de helft van de soep. Laat weer heet worden en voeg de creme fraiche, zout en peper toe. Knip het fijne groen klein en roer dit erdoor.
Leg in de soepkommen een schijf geroosterd stokbrood, schep de soep erover en leg daarop plakjes camembert en bestrooi met gehakte walnoten. Daarna de camembert nog even onder de hete grill laten smelten.