750 g aardappelen, vastkokende
750 g bospeen
1 bosje bosuitjes
4 eieren
2½ dl pindasaus (potje of pakje)
4 el olie
1 el sesamolie
1 el kerrie
2 theelepels gemberpoeder
2 theelepels korianderpoeder
2 eetlepel fijngehakte koriander of peterselie
Snijd de geschilde aardappelen in blokjes. Snijd de geschrapte bospeen in schuine plakken van circa 1 cm dik. Snijd de schoongemaakte bosuitjes in schuine ringetjes. Kook de eieren in 7 min. bijna hard, laat ze onder de koude kraan schrikken en pel ze. Verwarm de pindasaus volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Verhit de olie en de sesamolie in een grote koekenpan met een hoge rand of een braadpan. Laat de kerrie, het gemberpoeder en het korianderpoeder kort meebakken. Voeg de aardappelblokjes en de wortelschijfjes toe en laat kort bakken. Blus af met een laagje heet water, breng met wat zout aan de kook en laat het geheel met het deksel op de pan circa 10 minuten zachtjes koken tot de aardappelblokjes gaar zijn. Het vocht moet dan voor het grootste deel zijn verdampt.
Giet af en roer het opgevangen vocht door de pindasaus. Schep de wortelcurry met de bosui in een voorverwarmde schaal, schep er de warme pindasaus over en garneer met de gehalveerde eieren. Bestrooi met de koriander of de peterselie.